“Het geeft me energie als ik mensen gelukkig zie worden”

Op de Dag van de Verpleging deed Nurse Academy een oproep aan verpleegkundigen om een collega in het zonnetje te zetten. Dit leverde een stortvloed aan leuke, bijzondere en inspirerende verhalen op. We maakten een selectie uit de inzendingen. Lees hier het persoonlijke verhaal van psychiatrisch verpleegkundige Carlijn van der Beeke.

Carlijn van der Beeke zet zich al meer dan twintig jaar in als psychiatrisch verpleegkundige in Zwolle. Ze werkt 28,5 uur per week, verspreid over drie dagen, bij Dimence specialistisch team Bipolaire en psychotische stoornissen Zwolle. Daar richt ze zich voornamelijk op de vroege psychose. Daarnaast runt ze samen met haar partner en broer een bed and breakfast in Dalfsen, Overijssel.

“Ik begeleid veel jonge mensen die voor het eerst een psychose hebben en ga samen met de patiënt, familie en het team aan de slag: wat zijn de klachten? En wat is de oorzaak: waar komt de psychose vandaan? Is er mogelijk sprake van schizofrenie, of van een manische psychose? We betrekken de familie vanaf de eerste kennismaking bij het zorgproces. Als een patiënt onze behandeling Poli plus eerste psychose volgt, hebben we elke zes weken een evaluatie met de patiënt, zijn of haar naasten en het behandelteam. Hoe gaat het met de patiënt? En met de familie? Wat zien we qua verbeteringen? Slaat de medicatie aan? Moet de behandeling aangepast worden? En wat is er aan inzet nodig? In onze behandeling werken we volgens de principes van de Vroege Interventie Psychose (VIP).”

Daarnaast heeft Carlijn ook tien jaar op de Soepbus voor dak- en thuislozen in Zwolle gewerkt. “We gingen ’s avonds de straat op en mensen konden bij ons terecht voor soep en een praatje. Via deze weg probeerden we in contact te komen met dak- en thuislozen die moeilijk benaderbaar waren, met onder andere signalering als doel en ook om door te verwijzen naar de reguliere zorg. Daarnaast konden ze bij ons terecht voor informatie of doorverwijzing naar de noodopvang. Ik heb dit werk tot 2014 gedaan. Er waren in de beginjaren weinig slaapplekken voor dak- en thuislozen. Inmiddels is er een groot opvanghuis gekomen en is de zorg grondiger georganiseerd, zodat zij beter bereikt worden.

Ik word er gelukkig van als ik mensen zie opknappen en ze zelf de regie weer in handen nemen; zowel op de Soepbus als tijdens mijn werkzaamheden als psychiatrisch verpleegkundige. Ik ontmoet mensen in een crisis, tijdens misschien wel het moeilijkste moment van hun leven. In het begin ben ik als verpleegkundige veel nodig, maar ik kom vaak al snel aan de zijlijn te staan. En gelukkig maar.”

Kortere en effectievere behandeltijd
Door de coronacrisis is de workflow van Carlijn veranderd. “Online behandelen deed ik nauwelijks. Ik zette het hooguit wel eens in als er een signaleringsplan gemaakt werd of voor psycho-educatie. Maar het was mondjesmaat. We hadden ook nooit tijd om uitgebreid uit te zoeken welke mogelijkheden online behandelen allemaal kon bieden. Vanwege de coronapandemie moesten we snel overschakelen. De online mogelijkheden bleken grandioos.

In deze periode heb ik sommige patiënten in een crisis wel fysiek gezien. Daarnaast ben ik bij diverse patiënten op huisbezoek geweest om depotmedicatie te geven. Die zorg moet gewoon doorgaan. Maar over het algemeen hebben de meeste behandelingen online plaatsgevonden. Je wordt best handig met elkaar. Ook patiënten die helemaal niet vaardig waren, hebben we met wat handreikingen aan het beeldbellen gekregen. We beginnen elke ochtend met een teamoverleg, waarin we patiënten bespreken die ‘op het kwetsbaarst’ zijn. Ik vond het bijzonder om alle collega’s voor het eerst online te zien en op te merken dat we alle patiënten goed in beeld hadden en we de noodzakelijke zorg hebben geboden. Ik ben trots op ons team. Trots op het feit dat we deze omschakeling naar digitale behandelingen soepel hebben geïmplementeerd en dat geen enkele patiënt iets tekort gekomen is. We redden het met elkaar.

Het contact met de patiënt verloopt wel anders. Normaal haal je op de polikliniek een patiënt op en heb je eerst een gemoedelijk praatje. Nu zitten mensen klaar achter hun scherm en kom je meteen ter zake. Ik merk dat de behandeltijd hierdoor effectiever en ook korter is geworden. Al is beeldbellen niet in iedere situatie de ideale uitkomst. Zo heb ik bijvoorbeeld een kennismaking gehad met een nieuwe patiënt: na vier ‘online’ gesprekken wist ik nog steeds niet goed wie ik voor me had. Ik wil een patiënt in het echt zien om een goede indruk te krijgen hoe het met iemand gaat. Door een wandeling te organiseren met deze patiënt leerden we elkaar beter kennen, werd er echt contact gemaakt. Dit was een beter startpunt van de behandeling. Met een eerste kennismaking is het dus prettiger om iemand fysiek in de kamer te hebben. Ik heb daarentegen ook een patiënt die enkele weken terug manisch-psychotisch is geweest en momenteel aan het herstellen is. We spreken elkaar elke week, evalueren hoe het gaat, kijken de week vooruit en stellen hierbij haalbare doelen. Dat kan prima door middel van beeldbellen.

Tijdens de lockdown merkte ik dat de dagstructuur van patiënten wegviel. Werk, studie, vrijwilligerswerk of dagbesteding kwamen stil te liggen en mensen zaten thuis. Sommige patiënten hebben een klein netwerk, waardoor al snel vereenzaming optrad. Ook draaiden sommigen het dag- en nachtritme om, aangezien er geen reden meer was om uit bed te komen. Er was een toenemende vraag naar zorg. Ik heb in die periode het contact met patiënten – waarvan ik wist dat ze het moeilijk hadden – meer aangehaald. Ik spreek ze frequenter. Daar heb ik ook ruimte voor, omdat de contacten over het algemeen korter duren. Ik merk dat patiënten het waarderen dat er extra naar ze wordt omgekeken. Het online behandelen biedt dus veel voordelen en ik denk dat we ook in de toekomst meer thuis zullen werken.”

B&B
In de overige tijd zit Carlijn niet stil: samen met haar partner en broer runt ze inmiddels al veertien jaar het bed & breakfast ‘Het klooster van Dalfsen’. “Ik geniet ervan als ik patiënten zie opknappen en daar een steentje aan bij heb mogen dragen. Maar ik word er ook gelukkig van als gasten in ons B&B het naar hun zin hebben. Het geeft me energie als mensen plezier beleven aan een verblijf bij ons en ik hier een klein onderdeel van mag zijn. We wonen zelf beneden. De kapel en het gastenverblijf bevinden zich boven in het pand. Het is een oud klooster geweest met zeven kamers. Niet uitermate groot, waardoor je makkelijk in contact komt met je gasten. Ik ben altijd erg benieuwd naar de gasten: waar komen ze vandaan? Hoe komen ze hier terecht? En hoe kan ik hun verblijf zo optimaal mogelijk maken? Ik ontvang gasten, leid ze rond en probeer waar mogelijk aan hun behoeften te voldoen. Willen ze graag fietsen, dan anticipeer ik daarop. Zoeken ze een leuk restaurant, dan tip ik die.

Tijdens mijn studententijd werkte ik in de horeca. Ik genoot van de wandelaar die terugkeerde van zijn tocht en voldaan op het terras zijn biertje dronk. Het nadeel van werken in de horeca is dat je de meeste avonden en weekenden aan het werk bent en het daardoor best moeilijk is om er een gezinsleven op na te houden. Dat gezinsleven hadden mijn partner en ik wel voor ogen. Inmiddels hebben we twee kinderen van vijf en zeven jaar, en kunnen we dit goed combineren met het runnen van een B&B. Onze familie en vrienden weten dat we thuis aan het werk zijn en bezoeken óns in het drukke seizoen vaker, dan andersom. Ze weten dat we soms even een gast moeten inchecken of een helpende hand moeten bieden door het realiseren van een mooie fietstocht. Daarnaast voetbalt mijn dochter en ben ik leider van haar voetbalteam. Ik sta daarom elke zaterdag langs het voetbalveld. Alles is mogelijk, zolang je het maar goed organiseert.”

BACK