De arts als patiënt

Wie in de frontlinie staat, wordt ook wel eens geraakt. Afgelopen weken verschenen in de media verschillende interviews met zorgverleners die zelf met COVID-19 op de IC hebben gelegen. Hoe is het om als arts de nieuwe rol van patiënt aan te moeten nemen, en die van arts te verliezen? In De alles-arts bespreekt hoogleraar kindergeneeskunde Marceline Tutu van Furth deze rol van de arts als patiënt. Op voorhand denken artsen dat ze weten wat de patiëntenrol inhoudt, maar dat blijkt vaak helemaal niet te kloppen. De weerstand om de rol van patiënt aan te nemen, kan leiden tot ontkennen en het negeren van symptomen.

‘Artsen zijn de allerslechtste patiënten’, zei anesthesioloog in opleiding Coen Feron al in de Volkskrant. Bij de eerste ziekteverschijnselen probeerde hij zichzelf er tevergeefs met puffers weer bovenop te dokteren. Wanneer zijn collega’s van de IC en SEH hem komen halen, mensen met wie hij dan in dag uit werkt, weigert hij in eerste instantie intubatie. Hij vertelt zijn verhaal in de krant om open te zijn over alles wat een IC-patiënt overkomt. Hij gelooft dat dit hem uiteindelijk een betere arts zal maken; dat hij anders naar zijn patiënten zal kijken, beter zal aanvoelen wat zij voelen. Ook voor intensivist Meta van der Woude heeft zelf patiënt zijn de kijk op haar werk veranderd, vertelt ze in NRC. Ze was bijna een maand opgenomen in haar eigen ziekenhuizen. ‘Als arts weet je veel. Alles wat kan gebeuren.’ In eerste instantie bleef ze meedokteren. Stilaan werd ze ook bang dat ze zou overlijden, en worstelde met die gedachte. ‘Tegen verpleegkundigen begin je er niet over’.

In De alles-arts, hoofdstuk ‘De arts als patiënt’, schrijft Marceline Tutu van Furth:

“Voor iedereen is het verschillend hoe je omgaat met je behandelaar als je ziek wordt. Voor mensen die zelf in de gezondheidszorg werkzaam zijn kan het als ze plotseling ziek worden extra ingewikkeld zijn om met de interne dilemma’s en de externe interacties die dan op je pad komen, om te gaan.”

Aan de hand van een casus van een medisch specialist die in zijn eigen ziekenhuis op de SEH belandt, bespreekt Tutu van Furth de complexe situatie die zich voordoet wanneer een arts, patiënt wordt. Het risico van zelf dokteren, de afwegingen bij de keuze voor een behandelaar, en ook de invloed van een opname op de psyche van de arts komen hierin aan bod.

“De patiënt moet zich kunnen overgeven aan de kennis en kunde van de arts. […] Het behandelen van patiënten is heel wat anders dan zelf ziek zijn.”

In 2018 verscheen bij Prelum De alles-arts – communicatie in complexe situaties; een handleiding voor lastige situaties die je als arts in de dagelijkse praktijk veelvuldig tegenkomt. De redactie, bestaande uit dr. Martijn van der Kuip, drs. Klaas-Jan Nauta, drs. Annemiek Nooteboom en prof. dr. Marceline Tutu van Furth, wil hiermee artsen tegemoetkomen in de toegenomen complexiteit van hun alledaagse praktijk. Volgens de redactie vormt effectieve communicatie met andere specialisten, verpleegkundigen, managers, patiënten en hun familie de basis voor een goede uitkomst in moeilijke en complexe situaties. Het boek behandelt lastige praktijksituaties, bespreekt communicatietheorieën en geeft praktische handvatten en oplossingen.

BACK